Verrijkingsgroep

Alle kinderen verdienen een zo passend mogelijke plek in het onderwijs. Onderwijs dat leerlingen uitdaagt, dat uitgaat van hun mogelijkheden (Informatiepunt Passend Onderwijs. www.passendonderwijs.nl).

De leereigenschappen van begaafde leerlingen maken dat aanpassingen in het reguliere leerstofaanbod noodzakelijk zijn om het leerstofaanbod beter te laten aansluiten bij de behoeften van begaafde leerlingen (Drent & Van Gerven 2002).

Zoveel mogelijk in de klas.
Op basisschool De Schalm wordt daarom gewerkt met compacten en verrijken. Compacten is het zodanig schrappen in de reguliere leerstof die voor alle leerlingen bedoeld is, dat deze geschikt wordt voor (hoog)begaafde leerlingen. Verrijkingsonderwijs vult de ruimte die ontstaan is door compacten met zinvolle onderwijsactiviteiten die aansluiten op de brede ontwikkeling van de leerling en die aanzetten tot het leren denken, leren leren en leren leven (Van Tassel-Baska 1982; Drent & Van Gerven 2002).

Verrijkingsgroep buiten de klas.
Naast de compacting en verrijking in de eigen klas wordt er ook met (hoog)begaafde kinderen buiten de klas gewerkt. Deze verrijkingsgroep wordt geleid door de specialist begaafdheid en intern begeleider.

Deelname aan deze verrijkingsgroep kan zowel structureel zijn als tijdelijk. De twee meest voorkomende redenen voor aanmelding zijn:
- De leerling werkt in de klas met structurele compacting en verrijking op meerdere vakgebieden. Zijn/haar leerhonger is hierdoor nog niet gestild. Er is hier sprake van een grote didactische voorsprong. Deze deelname is vaak structureel,

omdat in deze verrijkingsgroep met gelijkgestemden beter kan worden aangesloten bij de zone van naaste ontwikkeling.
- De groepsleerkracht ziet een sterke noodzaak om de leerling deel te laten nemen als gevolg van een ontwikkelpunt op het leren leren, leren denken en leren leven (Peters, CBO, 2000). Deze deelname is vaak tijdelijk. Hierbij wordt de doelen- en vaardigheidslijst ingezet (Boekhorst, SLO, 2010).

In de verrijkingsgroep wordt gewerkt met verrijkingsopdrachten die voldoen aan de eisen voor verrijkingswerk.

  verrijkingsgroep 2018-2019

Groepen 1/2
In de verrijkingsgroep werken kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong in kleine groepjes aan opdrachten die een beroep doen op creatief denken en de executieve vaardigheden. Hierbij wordt vaak aangesloten bij de thema’s in de klas. Via de denksleutels leren kinderen probleemoplossend denken, materialen op een andere manier in te zetten, of een onderwerp vanuit een andere invalshoek te bekijken. Tevens leren we het allereerste begin van programmeren met de Bee-bot, en werken we met techniektorens. Middels het spel “Spring kikker spring” worden kinderen aangezet om stil te staan bij hun gevoelens en probleemoplossend te denken in verschillende sociale situaties.

Groepen 3/4
In de verrijkingsgroep richten we ons op het aanleren van vaardigheden, waardoor de leerlingen zichzelf verder kunnen ontwikkelen. We werken aan het zelfstandig lezen, vragen beantwoorden over een informatieboek, het voorbereiden van een spreekbeurt en het aanleren van ICT vaardigheden om een werkstukje te maken. Ook in deze groepen wordt verder gewerkt met de Bee-bot, constructiemateriaal, techniektoren en vaardigheden op sociaal-emotioneel gebied.  Het samenwerken wordt geoefend binnen een verhalend ontwerp waar kinderen gezamenlijk oplossingen leren bedenken en vormgeven. Gaandeweg wordt duidelijk of er sprake is geweest van een ontwikkelingsvoorsprong of dat kinderen behoefte hebben aan structurele extra verdieping en/of verbreding in de verrijkingsgroep.

Groepen 5/6
In de groepen 5 wordt gestart met het aanbieden van gestructureerde verrijkingsopdrachten. In de loop van het jaar, en in het begin van groep 6 wordt geprobeerd om deze opdrachten steeds meer open aan te bieden met meer ruimte voor eigen creativiteit en inbreng. De kinderen krijgen strategieën aangeboden om meer out of the box te leren denken. Hierbij werken we onder andere met Scratch (programmeren), leren de kinderen schaken en wordt de methode Vooruit ingezet.

Groepen 7/8
In de groepen 5/6 hebben kinderen steeds beter geleerd om te plannen, zelf onderzoek te doen en buiten de kaders te denken. De opdrachten die de kinderen in de groepen 7/8 krijgen, zijn opgebouwd volgens de taxonomie van Bloom (Anderson & Krathwohl, 2001). Hierbij moeten zij alle geleerde vaardigheden toepassen om de diepte in te gaan. Er wordt een groot beroep gedaan op de executieve functies, bijvoorbeeld het leren plannen en het omgaan met feedback. Voorbeelden van opdrachten zijn het schrijven van een sollicitatiebrief, het maken van een instructiefilmpje en het ontwerpen van een ecowoning.

Literatuurlijst:

Anderson, L. W. and Krathwohl, D. R., et al (Eds..) (2001) A Taxonomy for Learning, Teaching, and Assessing: A Revision of Bloom’s Taxonomy of Educational Objectives. Allyn & Bacon. Boston, MA (Pearson Education Group).

Bloom, B. (1956). Taxonomy of Educational Objectives. Handbook I: The Cognitive Domain. New York: David McKay

Drent, S. & Gerven, E. van (2002). Professioneel omgaan met hoogebegaafde leerlingen in het basisonderwijs. Utrecht: Lemma.

J. te Boekhorst - Reuver (2010). DVL: Doelen en Vaardigheden Lijst. SLO, Enschede.

Over passend onderwijs. (2018, 20-6). Geraadpleegd van https://www.passendonderwijs.nl/over-passend-onderwijs/

Van Tassel-Baska, J.L. (1982). Toward Best Practice. An Analysis of the Efficacy of Curriculum Models in Gifted Education. Gifted Child Quarterly, 51, 342-358.